Teletekst blijft populair
Teletekst zie ik nog altijd als de moeder der interactieve media met een bijna niet te evenaren eenvoud en snelheid. Ook in het huidige e-tijdperk is het gebruik van dit medium nog steeds skyhigh. RTL publiceerde deze week een gebruikersonderzoek en kwam met de volgende feiten: 86% maakt gebruik van teletekst en 34% van de online Nederlanders kijkt teletekst via internet. Het tijdvak 18-24 uur geldt als prime time voor teletekst via TV, maar dat is niet zo gek. Het aantal TV-kijkers is in dat tijdvak veel groter dan overdag. Online teletekst kijken gebeurt meer door de dag heen. Pluspunten van teletekst zijn actueel en overzichtelijk. Het boemeltje onder de interactieve media krijgt dan ook een ruime zeven als waarderingscijfer.
Multiscope stopt online bereiksmeting
Zojuist komt het persbericht hier binnen met de mededeling dat Multiscope per eind van dit jaar stopt met het meten van online bereik. Multiscope geldt als één van de pioniers op dit gebied en meet het bereik van websites sinds mensenheugenis. Volgens directeur John Kivit liggen er voor Multiscope meer kansen in het buitenland en is de markt voor online bereiksonderzoek te beperkt in Nederland. Kivit: “De markt voor internet bereiksonderzoek in Nederland is relatief klein. Om die reden dien je een dergelijke dienstverlening internationaal aan te bieden om schaalvoordelen te behalen. Daarnaast is de markt voor internet bereiksonderzoek in Nederland de afgelopen twee jaar gestabiliseerd terwijl onze panel en software activiteiten juist wel snel gegroeid zijn. We zien voor de lange termijn daar meer kansen en vinden het belangrijk meer ruimte te creëren voor innovatie.”
Jongeren meer online en minder TV
Gisteren publiceerde CBS een bericht over de toenemende online mediaconsumptie bij jongeren ten koste van televisie. In 2009 had 99% van de jongeren van 12 tot 25 jaar toegang tot internet. Negen op de tien jongeren brachten ook dagelijks tijd door op het web. In 2005 lag dit aandeel met 76% veel lager. Jongeren internetten vooral om te communiceren (e-mailen en chatten), voor het spelen van games en downloaden van films en muziek. Jongeren van 12 tot 25 jaar bestellen en kopen online ook steeds meer producten zoals kleding, sportartikelen en kaartjes voor evenementen. Dit aandeel is toegenomen van 46% in 2005 tot 70% in 2009.
Online TV-kijken neemt verder toe
Uit de laatste analyse die door SKO en STIR is uitgevoerd, blijkt dat in een jaar tijd het bereik onder jongeren tussen de 13 en 34 jaar van NPO- en RTL programma’s op internet met 24% is toegenomen. In februari 2009 keek 22% van deze doelgroep online televisie, in 2010 is dat al 27%. Sinds Q1 2009 bestaat er een samenwerking tussen SKO en STIR om inzicht te krijgen in het bereik van online televisie in diverse doelgroepen. Uit de eerste analyse over het eerste kwartaal van 2009 bleek dat het het bereik van televisieprogramma’s van NPO en RTL op internet vergelijkbaar is met uitgesteld kijken via het televisietoestel. Nu is er een vergelijking gemaakt tussen het bereik in februari 2009 en februari 2010, waarbij nu ook het bereik van de SBS-programma’s op internet is meegenomen.
Netpanel ziet drie groepen internetgebruikers
Vanochtend presenteerde Marja Ruigrok op The Next Web Conference een vernieuwde versie van het onderzoek naar het gebruik van internet. Dit onderzoek is uitgevoerd door Ruigrok|Netpanel, het bureau van Marja. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat er op dit moment drie groepen surfers te onderscheiden zijn. De groep ‘Just surfing around’ is de eerste. Het betreft 37% van de Nederlanders, ze zijn ouder dan 55 jaar, lager opgeleid en gemiddeld 10 uur per week online (exclusief mail). Deze groep ziet het internet als een informatiebron. De tweede groep wordt aangeduid als ‘Function first’: 41% van de Nederlanders, gemiddeld 45 jaar, hoger opgeleid en 16 uur per week online. Deze groep ziet internet puur als een functioneel instrument. De derde groep beleeft nog de meeste lol op internet. Ze worden ‘Into fun & games’ genoemd. 22% van de Nederlanders, gemiddeld 34 jaar, hoger opgeleid, vaak mobiel internet en 26 uur per week online. Zij zijn vooral voor hun plezier online.
Visibility volgens WebAds
WebAds publiceerde zojuist de uitkomsten van een grootschalig visibility-onderzoek. Wat blijkt, de zichtbaarheid reclame-uitingen binnen het WebAdsnetwerk is in een jaar tijd met gemiddeld 38% verbeterd. Het onderzoek is een herhaling van een soortgelijk onderzoek dat WebAds een jaar geleden liet uitvoeren. Het verschil in zichtbaarheid ten opzichte van een jaar geleden is voor een deel veroorzaakt door verbeteringen in de samenstelling van het netwerk van WebAds. Het onderzoek wees uit dat redactionele pagina’s veel langer worden bekeken dan pagina’s op bijvoorbeeld sociale sites of functionele sites. WebAds heeft de afgelopen tijd meer redactionele titels in het netwerk opgenomen.
Paarsebroekstaatjes
Dat was smullen gisteren. Gratis bij de Adformatie. Een heel vel vol paarsebroekstaatjes met als kop ‘Digitale Marktinformatie’. Een flyer met allerhande verse informatie over bestedingen en bereik van adverteerders, portals, mobile, sites en games. Maar ja, flyer hè. Het woord zegt het al. Die is zo weer weg. Vandaar hieronder een mooi overzicht van die staatjes, gegroepeerd naar onderwerp. Met dank aan de Marcom 2010, die op 2 en 3 juni wordt gehouden in de RAI in Amsterdam. En nee, dit is geen advertorial.
Sociale netwerken in cijfers
Vandaag kwam Multiscope met een alleraardigst onderzoek over de bekendheid en het gebruik van sociale netwerken in Nederland. Het Bosche bureau vroeg naar de bekendheid van de diverse netwerken, het al of niet hebben van een profiel en het aantal uren dat men gebruik maakte van die sites. Mooi is ook de toegevoegde vraag of men verwacht er in de toekomst meer of minder gebruik van te maken. De resultaten in een staatje:
I-com 2010: we verzuipen in de data
Van 10 tot en met 13 maart 2010 vond in Lissabon de derde I-Com conferentie plaats. I-Com staat voor International Conference on Online Media Measurement. Het evenement wordt georganiseerd door de energieke netwerker Andreas Cohen en trekt een selecte groep (n=200) specialisten op het gebied van online media measurement. Cohen werkt volgens een wonderlijk model: veel van de bezoekers zijn tevens sprekers of deelnemers aan de vele discussiepanels. Ik schat dat na twee dagen ongeveer de helft van de bezoekers één of meerdere keren on stage is geweest. En het tempo is hoog. Veel korte inleidingen, een paar keynotes en veel discussie in lange sessies. Wie komt voor kant-en-klare brokken informatie komt bedrogen uit. De onderwerpen en gepresenteerde cases verraden wel de stand van zaken in de markt, maar het is aan de toehoorder om er één geheel van te maken. Pas na vele pennenstreken ontstaat er een vaag beeld. Ik zal proberen hieronder een samenvatting te geven van het beeld dat ik opving in Lissabon.

STIR publiceert online jaarboek
Vandaag is de vernieuwde website van STIR gelanceerd. Op zich geen schrikbarend nieuws. Belangrijker is het feit dat de eerste delen van het online jaarboek er ook op zijn gezet. Voorheen werd het jaarboek met de meest recente cijfers over internetconsumptie in een papieren versie gepubliceerd. STIR kiest er nu voor om het boek digitaal toegankelijk te maken, waarbij de content gratis ter beschikking wordt gesteld. De eerst twee delen van het jaarboek bestaan uit de Establishment Survey 2009 en de Internet Marktmonitor.
Lees verder »
