PO ontwikkelt kwaliteitskaart
Op basis van kijkcijfers wordt het steeds lastiger voor de Publieke Omroep (PO) om de strijd aan te gaan met de commerciële zenders. Maar op basis van kwaliteit viel er blijkbaar nog wat te halen. Vandaar dat de PO de kwaliteitskaart ontwikkelde, waarmee het programma’s meet aan de hand van vijf dimensies. Uit de eerste metingen blijken de publieke zenders zich op vier van de vijf dimensies helder te onderscheiden van de commerciële omroep.
Kijkers waarderen de programma’s die zij zien bij de PO beter en herkennen de kwalitatieve verschillen. Zo scoort de Publieke Omroep beter op betrouwbaarheid, kwaliteit, pluriformiteit en maatschappelijke impact. Op innovatie scoren de publieke en commerciële omroep gelijk. Zie figuur:

Ook is het mogelijk om op programmaniveau uitspraken te doen over de kwaliteit. De PO deed dat bijvoorbeeld met de twee soaps ONM en GTST:

KLO Informatie & Advies onderzocht de kwaliteit van ongeveer 250 televisieprogramma’s op de tien grote zenders. Dit onderzoek werd uitgevoerd in het Televisie Waarderingspanel, dat Intomart GfK in opdracht van Publieke Omroep uitvoert. Aan het onderzoek doen ongeveer 8.000 respondenten mee. Zij loggen regelmatig in (minimaal twee keer per week) en beantwoorden vragen over de programma’s die ze de dag tevoren hebben gezien. Daar zijn standaardvragen bij en specifieke vragen en/of stellingen.
Naast onderzoek naar de performance van een enkele uitzending kunnen in rapportages dus ook vergelijkingen worden gemaakt tussen de publieke en de commerciële zenders, tussen omroepen, netten of programma’s. De resultaten kunnen binnen twee dagen beschikbaar zijn.
Ik heb de PDF van de presentatie hier online gezet.