Lidmaatschap omroepen steeds minder in trek
Het totaal aantal leden van omroepverenigingen daalde sinds 1992 van ruim 3.7 miljoen naar ruim 3.2 miljoen, terwijl het aantal huishoudens steeg van ruim 6.2 miljoen naar ruim 7.0 miljoen. Dat betekent dat nog maar 46% van de huishoudens lid is van een omroep. In 1992 was dat nog 61%.
Van alle omroepen houdt de EO als enige een redelijk constant aantal leden. Sinds 1992 ging slechts 5% verloren (van 499.410 naar 476.169). De AVRO zag het ledenbestand dalen van 608.885 naar 392.933 (35%). Dit blijkt uit de officiële vaststelling van de ledentallen door het Commissariaat voor de Media. De cijfers zijn van maart 2004 en vergeleken met die uit 1992. De ledentallen tellen mee voor de erkenning die staatssecretaris Van der Laan per 1 september 2005 aan de omroepen verstrekt.
De verliezen van de andere omroepen over genoemde periode variëren van 18% (KRO) tot 31% (VPRO). Sinds 2000 steeg het ledental van BNN van 107.442 naar 216.446 en daalde dat van De Nieuwe Omroep van 72.876 naar 52.191. Het commissariaat stelde het ledental van ouderenomroep MAX vast op 65.155.

Om als nieuwe omroep tot het bestel te worden toegelaten, moet een vereniging minstens 50.000 leden hebben. Aspirant-omroepen De Nieuwe Omroep (DNO, 52.191 leden) en MAX voldoen aan dat criterium. Het commissariaat kijkt nog naar hun beleidsplannen. Later deze week maakt de mediawaakhond bekend of de omroepen wat hem betreft het omroepbestel in kunnen. De bestaande omroepen hoeven niet te vrezen voor hun licentie. Alleen BNN komt niet aan 300.000 leden, maar voor de positie van deze jongerenomroep maakt de politiek een uitzondering.
Bron: Commissariaat voor de Media